juliblog

impact maken

 

Bom dia, tudo bem? Tudo, e aí? Tudo, obrigada!
Bijna drie jaar lang begon ik zo mijn werkdagen. In Mozambique zit het in de cultuur elkaar te begroeten en daarbij altijd te vragen hoe het gaat. In de gevallen waarbij mijn Nederlandse aard naar boven kwam en ik zei ‘mas ou menos’, werd ik toch vaak verbaasd aangekeken: het was blijkbaar niet helemaal de bedoeling écht te vertellen hoe het ging. En nu, hoewel we in het begin gek werden van hoe vaak we ‘tudo bem’ moesten vragen en beantwoorden, mis ik dit soort gewoontes. De bakker kijkt echt raar op als je binnenkomt en zegt: Hé, hoe is het?! In Nederland is men to the point. Je vraagt/bestelt wat je nodig hebt op dat moment, meer niet. Direct, to the point, actief: in voor verandering zou je zeggen. Toch is dat lastiger dan je denkt.


Waste transfer and recycling centres in Mozambique
In Mozambique werkte ik voor 3R, waarbij we ‘waste transfer and recycling centres’ en ‘waste management services’ ontwikkelden (dat gebeurt overigens nog steeds). Vandaag de dag denk ik regelmatig: recycling, dat is echt de állerlaatste stap binnen het circulaire gedachtegoed, maar daar gaat het nu niet om. Om de recycling op gang te krijgen heb je de medewerking van flink wat ketenpartners nodig: van ministeries tot kleine bedrijven en van multinationals tot catadores (waste pickers). Ja, je hebt publieke partijen nodig, en ja grote bedrijven met veel geld zijn altijd welkom mee te doen, maar waar het mee begon waren de waste pickers. AMOR (Associação Moçambicana de Reciclagem) was namelijk een aantal jaar eerder begonnen met het creëren van een markt. AMOR kocht gescheiden afval – plastic, glas, metaal en papier – in van wie maar wilde. Deze handel vond plaats bij de zogenoemde ‘ecopontos’ op verschillende plekken in de stad of vlak daarbuiten. AMOR zorgde vervolgens dat het waardevolle materiaal werd verwerkt door
bedrijven voor recycling. Dit is wat er vervolgens gebeurde: honderden mensen vonden een manier om inkomen te genereren (weliswaar door het verzamelen van recyclebaar materiaal op o.a. de vuilnisbelt, maar voor de meesten was dit een beduidend betere situatie dan überhaupt zonder enig inkomen te leven), hun kwaliteit van leven verbeterde, er bleef minder afval in de wijken achter, wijken werden schoner, wat de gezondheid weer deed verbeteren, waardoor de kwaliteit van leven verbeterde enzovoorts.
Doordat we ons vervolgens met 3R op de private sector richtten, konden we nog meer impact maken. De allergrootste vervuilers van het land hadden de mogelijkheid hun rotzooi op een nette manier kwijt te kunnen i.p.v. te dumpen op een (soms illegale) bestemming, we genereerden nog meer banen en de kwaliteit van leven ging omhoog.


Terug in Nederland
‘Impact maken’, iets waar ik voordat ik weer in Nederland ging werken niet zo veel bij stil had gestaan. We waren (mijn collega’s zijn) allemaal enorm gemotiveerd het bedrijf tot een succes te maken, maar met impact waren we eigenlijk alleen bezig als we naar het klimaatfonds moesten rapporteren. Nu is het iets wat ik bijna dagelijks voorbij hoor komen: hoe kunnen we het meeste impact maken? Wat moeten we doen om te bereiken wat we willen een bereiken (een circulaire bouwsector)? Achteraf gezien geeft het inderdaad een geweldig gevoel om zoveel te kunnen bereiken met je werk: dat wilde ik in Nederland ook! Maar ik merk wel dat het hier een stuk lastiger is: lang niet iedereen gaat gemakkelijk overstag en impact maken is misschien wel vaker een populaire modeterm dan dat het ook daadwerkelijk gebeurt. Terwijl het toch claro is dat er iets moet veranderen?!


Goede voorbeelden en grote projecten zijn cruciaal
Ik ben gericht op zoek gegaan naar een plek waar men zich hard maakt voor de circulaire economie. C-creators richt zich op de bouwsector, een sector waarin ongelofelijk veel regels zijn en waarin zaken in een bepaalde volgorde (moeten) gebeuren. Waarom is het nou zo moeilijk ook hier die markt te creëren? Wellicht omdat het begrip circulaire economie alleen nog maar in onze kleine bubbel bekend is? Of is veranderen gewoon eng? Zeker als het nog niet zo veel eerder gedaan is? Ik trek graag de vergelijking met Mozambique, omdat het in principe hetzelfde is: het is iets waarvan je nog niet zoveel weet, iets wat anders is dan je gewend bent en waarbij je al je ketenpartners nodig hebt. Wat we nodig hebben zijn goede voorbeelden, grote projecten en daarmee het creëren van de markt. Tuurlijk, ook wet- en regelgeving en wellicht grote bedrijven zijn nodig om de verandering voor elkaar te krijgen, maar het belangrijkste is dat er mogelijkheden en kansen zijn voor de circulaire catadores (ook wel: verzamelaars). Als we er voor kunnen zorgen dat zij
hun producten op grote schaal kunnen produceren en kwijt kunnen, laten we zien dat het kan en de toekomst er alleen maar beter uit zal gaan zien.


Het Bouwprogramma overbodig
We willen ‘impact maken’, omdat het leven er dan, net als in Mozambique, gewoon echt mooier uit zal zien. Onze gezondheid verbetert, de aarde kan langer mee en volgende generaties kunnen de tegen die tijd lelijke gebouwen die we nu neerzetten naar hun smaak weer ombouwen naar de architectuur van de 22e eeuw. Het zou mooi zijn als ons Bouwprogramma over een aantal jaren overbodig is geworden: wij hebben onze impact gemaakt en de markt heeft ons niet meer nodig. Een mooi moment voor mij weer eens het avontuur op te zoeken en ervaring op te doen in andere culturen.


Força!

Inspireer meer

weet jij een mooi circulair initiatief? laat het ons weten!