Iedereen wil groene schoolpleinen. Toch heeft nog altijd zo’n 60 procent van de basisscholen een volledig versteend plein. En ambities die aan het begin van een project wél op tafel liggen, sneuvelen vaak ergens tussen het eerste plan en de oplevering. Hoe kan dat, en hoe voorkom je het? Samen met IVN Natuureducatie begeleidde C-creators de gemeente Dronten bij een traject voor projectleiders en beleidsmakers, met kindcentra als casus.
Dronten vervangt de komende jaren meerdere scholen, gymlokalen en sporthallen. Een mooie kans om het meteen goed te doen: natuurinclusief, integraal ontworpen en sociaal ontwikkeld. In drie sessies werkten we aan de hand van een concrete casus aan een aanpak die ambities overeind houdt.

Vraag C-creators
De gemeente wil maatschappelijk vastgoed toekomstbestendig vernieuwen, met natuurinclusief bouwen, integraal ontwerpen en de sociale ontwikkeling van kinderen als uitgangspunten. De vraag daarbij: hoe zorg je dat die ambities niet verdampen onderweg, en hoe krijg je de juiste mensen op het juiste moment aan tafel?
Centrale vraag
Hoe maak je van beleidsambities concrete keuzes in een vastgoedproject, zodat natuurinclusiviteit en sociale waarde een vanzelfsprekend onderdeel van het proces worden?
Doelstelling
Een gedeeld werkproces voor maatschappelijk vastgoed in Dronten, ontwikkeld door de mensen die er straks mee werken, met inzicht in maatschappelijke baten, de beschikbare instrumenten en de betrokken stakeholders.

Aanpak
Sessie 1: wat staat er eigenlijk al?
We begonnen bij het bestaande beleid. Wat staat er al, en zitten er KPI’s op? Er bleek best veel te liggen. Dronten heeft een Programma Biodiversiteit met de programmalijn “Natuurinclusief werken is de norm”, een groennorm van 105 m² openbaar groen per inwoner, en in het programma van eisen staan zelfs indicatorsoorten als de egel, de huismus en de wilde bij. Voor gezond samenleven is er een beweegnorm.
Tegelijk viel iets op: het beleid bevat vooral wensen en weinig harde eisen. Of natuurinclusief bouwen lukt, hangt daardoor sterk af van de motivatie van individuele collega’s.
Daarna gingen we spelen. Met de praatplaat Toekomstbestendige gebiedsontwikkeling als rode draad zette iedere deelnemer een ander petje op en doorliep het projectproces in die rol. Zo werd voelbaar waar keuzes vallen, waar het schuurt en wie je op welk moment nodig hebt. In een gezamenlijke ambitieroos scoorden de deelnemers zeven thema’s, van energie en circulariteit tot gezondheid en sociaal. De ambitie op groen, leefbaarheid en sociale samenhang bleek groot.
Sessie 2: welke maatregelen, en wie heeft er baat bij?
Dronten had al een natuurinclusieve toolbox. Met de koppelkansenkaartjes, kaartjes waarop maatregelen aan meerdere opgaven en baten worden gekoppeld, kozen de deelnemers maatregelen voor de casus: passief en biobased bouwen, een fietsstraat met flexibele parkeerplekken, wadi’s en koele plekken, een natuurspeelplaats met faunaverblijven, en ruimte om te sporten en elkaar te ontmoeten.
Daarna volgde de vraag die het gesprek veranderde: wat levert dit op de lange termijn op, en voor wie? Een speelwadi buffert water, verkoelt, nodigt uit tot spelen en bespaart op de aanleg en het onderhoud van ondergrondse buizen. Het waterschap, de school, de gemeente en de ouders hebben er allemaal baat bij. Een natuurinclusieve speelplek zorgt voor meer beweging, minder hittestress, een ontmoetingsplek in de buurt en op termijn zelfs lagere zorgkosten.
Zo werd zichtbaar dat veel maatregelen tegelijk ecologische, sociale én economische waarde opleveren. Een groen schoolplein is dan geen extraatje meer, maar een slimme investering. En de deelnemers kregen argumenten in handen om hun ambities te verdedigen richting bestuur en partners.
Sessie 3: en met wie doen we dat?
In de laatste sessie zetten we alle stakeholders op een rij en in de tijd. Wie denkt mee, wie beslist mee, en wanneer? Het rijtje werd lang: kinderen, ouders, omwonenden, groenbeheer, de ecoloog, de buurtwerker, de wijkagent, het schoolbestuur, de aannemer en de raad.
Per rol bespraken we wanneer die aan tafel hoort. Betrek groenbeheer al in de ontwerpfase, zodat inrichting en onderhoud op elkaar aansluiten. Denk in de initiatieffase al na over hoe ouders mee kunnen doen, bijvoorbeeld bij het beheer van een moestuin. En spreek met vergunningverleners van gemeente en waterschap vroeg af op welke momenten je contact hebt.
Een grotere kring van meedenkers maakt plannen beter: kansen en risico’s worden eerder zichtbaar en gebruikers leveren actief input voor ontwerp en uitvoering. Maar het proces wordt ook minder lineair. Je hebt meer momenten nodig om samen te leren, te toetsen en bij te sturen.
Uitgangspunten
Het traject rustte op drie principes. Ten eerste: leren door te doen, met echte rollen en een concrete casus in plaats van een presentatie. Ten tweede: ambities koppelen aan maatschappelijke baten, zodat keuzes uitlegbaar zijn. Ten derde: het proces ontwerpen met de mensen die het straks uitvoeren, zodat het resultaat ook bij volgende projecten bruikbaar is.

Resultaat
De deelnemers tekenden samen een eerste Drontse blueprint voor maatschappelijk vastgoed. Daarin zit onder meer dat:
- de behoeften van de omgeving een plek krijgen in het programma van eisen;
- het inzicht in maatschappelijke baten al aan het begin van het proces op tafel ligt;
- alle relevante rollen vroeg in beeld zijn, met capaciteit en verantwoordelijkheden vanaf de start geregeld;
- het proces kortcyclisch en iteratief is, met vaste momenten om samen te leren, te toetsen en bij te sturen.
Wat we leerden
- De ambitie is er volop, het houvast nog niet. Zonder concrete eisen hangt veel af van individuele motivatie, en dan loopt een ambitie het risico onderweg te verdampen.
- Wie de maatschappelijke baten kent, kan keuzes uitleggen. Dat helpt bij draagvlak en voorkomt ambitie-erosie gedurende het proces.
- Samenwerken vraagt om een ander proces. Kortcyclisch en iteratief in plaats van lineair, met alle relevante rollen vroeg in beeld.
Meerwaarde voor de praktijk
Door het proces samen te doorlopen, ontstaat een gemeenschappelijke taal tussen beleidsmakers en projectleiders. Het Drontse proces voor maatschappelijk vastgoed is daarmee zowel sociaal als natuurinclusief, en de maatschappelijke baten zijn helder en gedeeld.
Hoe verder?
Voor de hele gemeente maken we nu een inventarisatie van alle thema’s van toekomstbestendigheid: energie, circulariteit, mobiliteit, klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit, gezonde leefomgeving en sociaal. Per projectfase, van beleid tot end of use, laat die zien wat je kunt doen. Zo krijgen beleid, project en beheer een gezamenlijk handelingsperspectief.
Zelf aan de slag?
Staat jouw gemeente voor een vergelijkbare opgave? We denken graag met je mee. Mail naar info@c-creators.org
Dit traject is uitgevoerd door C-creators in samenwerking met IVN Natuureducatie en de gemeente Dronten:
Lourens Forma (IVN Natuureducatie) • Erwin Zwaan • Djimmie Ruisch • Emilie Schoneveld